Placemaking en Mobiliteit laten stad weer ademen en leven
Placemaking en vergelijkbare concepten zijn ontwikkeld door enkele bekende ‘urban thinkers’, zoals Jane Jacobs, de auteur van ‘Death and Life of Great American Cities’, bekend om haar strijd voor behoud van kleinschalige buurten met gemixte functies, en Jan Gehl, Deens architect, en Fred Kent (Project for Public Spaces (PPS) in New York). Onder hun invloed zijn steden als New York (Times Square), Melbourne, Sydney en Seoel veranderd in steden met aangename plekken om te verblijven. Een van de grondleggers van Placemaking is William H. Whyte. Whyte geloofde in de kracht van mensen en in de kleinschaligheid en overzichtelijkheid van openbare ruimte.
Een belangrijke rol in Placemaking vervult de gebruiker van de openbare ruimte. De Australiër David Engwicht reclaimt straten door ze letterlijk samen met de gebruikers (al dan niet tijdelijk) om te zetten in gebruiksruimte. Net als de hiervoor genoemde ‘urban thinkers’ gelooft hij in de rol van de gebruiker als expert en ervaringsdeskundige enerzijds en het belang van een levendigheid, kleinschaligheid, ontmoeten en menging van functies als stedenbouwkundige en ruimtelijke tools anderzijds.
Placemaking en Mobiliteit
Placemaking bemoeide zich tot voor kort nog weinig met mobiliteit. Dat is opvallend, gelet op de maatschappelijke uitdagingen van bereikbare en leefbare steden. Mobiliteit in de vorm van toegankelijkheid en verbindingen is één van de pijlers voor het creëren van succesvolle openbare ruimten. Succesvolle plekken genereren activiteiten en levendigheid en vormen de voorwaarden om mensen naar zo’n plek te trekken. Daarom zijn enkele voorlopers – Eindhoven, Maastricht, Zwolle – aan de slag gegaan met Placemaking en mobiliteit.
Over Placemaking en parkeren (en mobiliteit) verscheen in Stedebouw & Architectuur onlangs een artikel door Frans Bekhuis, CROW. Hieronder kunt u dit artikel downloaden.

Placemaking in Maastricht. De ringstructuur wordt vervangen door twee tangenten van oost naar west voor de doorstroming van het autoverkeer. Het unieke is dat er tussen deze twee tangenten een ‘luw’ gebied ontstaat.


Reactie toevoegen